Terug Thuis
Terug thuis
Onze vakantie zit erop en ik hoop dat jullie vakantie (als die al afgelopen is) even leuk was als de onze. Ik heb gezien dat België en bij uitbreiding mijn geboortestad Izegem nog niet veel veranderd zijn, integendeel. Soms had ik het gevoel dat ik niet lang moest zoeken naar een reden voor mijn emigratie naar Nepal. Tijdens ons verblijf in België heb ik gemerkt dat moeders frietjes of die van t'Brochetje in Emelgem nog altijd 100 keer beter zijn dan die in Nepal. Vooral als er een Bicky Burger bij is. Dat taartjes, snoepjes en chocolade nog altijd een enorme verleiding zijn voor mij. En dat ik ook geen nee kan zeggen tegen een potje préparé of een schelleke salami. Ook al ben ik dan in Nepal voor 95% vegetariër. Die andere 5% komt omdat er wel eens een miertje of een vliegje in de rijst of tussen de groenten belandt, of omdat ik bij uitzondering eens ergens een burger of een chicken pizza ga eten. Oh, die miertjes of vliegjes in ons eten: als dat goed gebakken of gekookt is, is dat ook niet slecht of levensbedreigend hoor. En beste vrienden, familieleden of nobele onbekenden, wij hebben ook mogen ervaren dat, overal waar we kwamen, we altijd hartelijk welkom waren. We zijn een aantal mensen tegengekomen die enorm genieten van onze verhalen uit Nepal, maar er waren er ook nog die niet op de hoogte waren van mijn schrijfsels. Je mag dus altijd de verhalen blijven delen of een e-mailadres naar mij opsturen, zodat ik het verhaal via e-mail kan sturen. Aan de nieuwkomers zou ik zeggen: veel leesplezier. Wat mij heel hard opgevallen is, is dat het in België niet meer kan regenen, en dat in tegenstelling tot hier in Nepal. Tijdens onze vakantiemaand in België hebben we geen vijf minuten regen gezien. Wat toch wel behoorlijk straf is. In Nepal spreekt men voorlopig ook van een redelijk droge moesson dit jaar. Maar we zijn nog maar halverwege het moessonseizoen, het kan dus nog alle kanten uit. Qua temperatuur zitten we, met het hedendaagse België, overdag redelijk gelijk. Ik zeg wel overdag hé, want bij ons daalt de temperatuur ook ’s nachts niet onder de 25 graden. En heel belangrijk: 30 graden in België is niet altijd gelijk aan 30 graden in Nepal. Soms zweet ik mij hier te pletter en als ik dan naar de thermometer kijk, dan zie ik dat het maar 32 graden is. Het zweten komt vooral omdat wij weinig wind hebben en een heel vochtig klimaat. Gemiddeld is de vochtigheid hier bij ons in de Terai (laaglanden van Nepal) tussen de 80% en 90%, en dat terwijl het bij jullie in West-Vlaanderen ongeveer 65% is. De vlucht tussen Brussel en Kathmandu was nogal lang. Normaal gezien hadden we een wachttijd van 9 uur in Doha, maar dat werd na enig oponthoud maar 8 uur. Wat nog meer dan genoeg is. Het vliegtuig had een technisch mankement en dus moesten we een uur in een heet vliegtuig zitten wachten vooraleer we konden vertrekken. Volgens de piloot hadden ze te maken met een aircoprobleem (wegens de hoge temperaturen in Brussel, zei die). En te bedenken dat dat vliegtuig juist van Doha kwam, waar het nog 10 graden warmer is dan in Brussel. Op de vlucht naar Kathmandu zat er een wrikkelgat achter mij. Mijn stressniveau werd redelijk op de proef gesteld. Zijn voeten kwamen steeds uit, net naast of tegen de mijne, wat natuurlijk niet de bedoeling kan zijn. Dus van slapen op het vliegtuig kwam niet veel in huis. Toen wij ’s avonds rond 18.30 uur in ons hotel aankwamen, heb ik mij op bed gelegd en ben er als een blok in slaap gevallen. Dat de kamer een beetje rook naar sigaretten stoorde mij niet. We hadden gedacht dat het een goed hotel ging zijn, maar we hadden ons een beetje vergist. De volgende dag kon Doma haar diploma van berggids gaan afhalen en haar naam registreren als officiële berggeit, euh gids. Nadat we alle formaliteiten hadden beëindigd, kregen we het lumineuze idee om met de mototaxi terug naar het hotel te rijden. De mototaxi’s zijn enorm populair in de hoofdstad. Het zijn privépersonen die gewoon ergens staan te wachten tot iemand hen boekt via een boekingsplatform zoals Uber of Indrive. Toen wij twee van die gasten zagen staan, besloten wij zo terug naar het hotel te keren. Dat is iets goedkoper, maar vooral sneller dan een gewone taxi. En wat voor een rit was me dat. Eenmaal je op de moto zit, waan je jezelf in een computerspelletje, zo van die auto’s of moto’s die door de stad moeten racen en om ter vlugst op hun bestemming moeten zijn. Iedere auto die je inhaalt, levert 5 punten op, raak je een ander voertuig of steekt er je iemand anders voorbij, dan krijg je strafpunten. Rechts voorsteken, links voorsteken, of een beetje op het tegenovergestelde baanvak racen, het kan en mag hier allemaal. Enkel onschuldige voetgangers moeten ontweken worden en als de rook uit de remmen komt, is het geen probleem, zolang je maar als eerste op je bestemming afgezet wordt. Wij kwamen als eerste aan, maar we hadden wel 5 strafpunten omdat we de spiegel van een auto hadden geraakt (heel lichtjes). Om naar huis te komen hadden we geluk, want enkele uren later konden we mee met de jeep van een buur die net in Kathmandu was. Een aantal zaken viel mij wel op in de hoofdstad. Vooreerst waren ze overal aan de elektriciteitsleidingen aan het werken. De spinnenwebben van elektriciteitsdraden en wifikabels werden netjes gesorteerd. De oude en illegale kabels werden verwijderd en de resterende kabels werden daarna samengebonden in een bundel. Weer een traditioneel zicht, waar menig foto van gemaakt werd, dat verdwijnt uit het straatbeeld. Er stonden ook overal nogal veel gewapende politie en soldaatjes in gevechtskledij op de verschillende kruispunten. Dat had dan weer te maken met de oppositie die al hun leden opgeroepen had om de straat op te komen tegen de werking van de huidige regering. De betoging en hun oproep werden niet echt een succes. Er waren ook een beetje spanningen, in een
